Hessel wil weten hoe het zit

Hessel Sietsma grijnst elke ochtend even in de spiegel. “Zo. Weer een nacht overleefd.” Zo moet je het leven bekijken, vindt hij. “Lekker positief.” Hessel maakte in de jaren ‘90 deel uit van de vredesmissie in voormalig Joegoslavië en ervoer daar aan den lijve hoe kwetsbaar het leven kan zijn. Nu leidt hij een stabiel bestaan als kraanmachinist. En hij heeft de blik op de toekomst, bijvoorbeeld als het om zijn pensioen gaat.

 

Hessel Sietsma – 48 jaar – woont in Varsseveld – is kraanmachinist bij WIDO Kraanverhuur in Doetinchem – heeft twee zoons (14 en 12) en een samenlevingscontract met Ellis (44) – gaat met pensioen: onbekend – krijgt AOW (zoals het er nu voorstaat): rond 2040

 

Dagelijks beschietingen

“Ik ben in ‘94 uitgezonden geweest naar voormalig Joegoslavië. Heel spannend. Ik reed bevoorradingskonvooien naar Srebrenica. Beschietingen van onze transporten waren aan de orde van de dag. Ik ben zelfs, samen met twintig collega’s, negen dagen gegijzeld geweest.” Nét voor de val van de stad was Hessel weer terug in Nederland. “Maar ik heb niettemin genoeg meegemaakt.”

Hessel kijkt er kalm op terug. Lachend: “Het helpt natuurlijk als je al gek bent vóór je naar zo’n oorlogsgebied toe gaat. En hoe oud was ik nou helemaal? Net 21 of zo, en dan is het ook allemaal een avontuur hè?”

Een beetje onverschrokkenheid zit ook in de aard van het beestje, denkt hij. “Mijn vader, een Amsterdammer, was kapitein op de kustvaart. En mijn moeder was vrij makkelijk in de opvoeding, erg ruimdenkend. We kregen de vrije hand. Paniek was er nooit. En weet je: ikzelf ben opgegroeid in de Achterhoek, toch met een niet-lullen-maar-poetsen-mentaliteit. Ik denk dat dit allemaal geholpen heeft. Bovendien: het was daar in Joegoslavië ook gewoon keihard werken geblazen. Ik had helemaal geen tijd om stress te krijgen.”

Toch was het op een gegeven moment genoeg: “Toen realiseerde ik me: Hé, hoeveel geluk kun je eigenlijk hebben in je leven? Hoe zeker is het dat ik er bij een volgende uitzending weer onbeschadigd vandaan kom, fysiek en mentaal? Misschien moet ik het gevaar voortaan maar niet meer opzoeken.”

 

Nieuwe carrière

Achteraf is het een goede tijd geweest. Hij heeft vooral heel veel te danken aan het ministerie van Defensie, zegt Hessel. “Ik heb daar alle diploma’s gehaald – voor de hijskraan, voor de vrachtwagen, voor transportplanning. Dus nadat mijn contract afliep kon ik gewoon een nieuwe carrière opbouwen. In een wat veiliger omgeving, zeg maar.”

Die veilige omgeving vond hij als kraanmachinist bij afvalverwerkingsbedrijf Ter Horst in Varsseveld en bij Lammerts Kraanverhuur in Doetinchem. Maar het werd pas echt plezierig en stabiel toen Lammerts vijf jaar geleden werd overgenomen en een vestiging werd van WIDO Kraanverhuur in Nijmegen.

Die overname, zegt Hessel, was toch wel het mooiste geweest wat hem kon overkomen. “WIDO is écht een fantastisch bedrijf. Heel sociaal en gewoon écht leuk. En ik kan het weten, want ik heb voor genoeg bazen gewerkt om te kunnen vergelijken.”

 

Waar is mijn legerpensioen?

Zijn carrière was dus gevarieerd: eerst ambtenaar bij Defensie, daarna zes maanden in de metaalsector en sindsdien in het transport. En precies daarom heeft Hessel zich aangemeld voor een videogesprek met een consulent van Pensioenfonds Vervoer. Want wat is er gebeurd met het pensioen dat hij heeft opgebouwd in zijn legertijd?

 

Zodra die consulent – Ben Kerkhof – op zijn beeldscherm verschijnt, brandt Hessel los.

Hessel: “Die zes jaar bij Defensie, die vind ik in de papieren nergens terug.”

Ben: “Hmm. Eens even kijken in je dossier. Aha, ik zie hier dat er waardeoverdracht heeft plaatsgevonden. Dat was in 2003. Toen is er geld overgeschreven van het pensioenfonds in de metaalsector naar Pensioenfonds Vervoer.”

Ben laat het bedrag zien en het kwartje valt onmiddellijk:

Hessel: “Hé. Dat is veel. Dat kan niet van die zes maanden zijn die ik in de metaal heb gewerkt.”

Ben: “Inderdaad.”

Hessel: “Ik dacht eerst: dat legerpensioen is verdwenen.”

Ben: “Logisch, zou ik ook hebben. Blijkbaar heb je na je tijd bij Defensie je pensioen daar meegenomen naar het pensioenfonds in de metaalsector.”

 

Gunstige voorwaarden

Hessel is duidelijk gerustgesteld. “Dank Ben. Dat is uit de wereld. Dan komt nu mijn volgende vraag: Kan of moet ik bij-sparen? Voor extra pensioen?”

Ben legt uit dat je natuurlijk altijd zelf kunt sparen. Bij Pensioenfonds Vervoer bouw je in ieder geval maximaal pensioen op.

Ben: “Je pensioen wordt berekend op basis van je uurloon inclusief je overwerkuren. Maximaal mogen 364 overwerkuren per jaar meetellen. En ik zie hier in jouw dossier dat jij eigenlijk altijd meer overuren werkt dan die 364. Je zit dus al aan het maximum; meer opbouwen kan niet.”

Ook dat antwoord stelt Hessel tevreden. Op naar de volgende kwestie: “Mijn scheiding.”

Hessel: “Ik heb een prima verhouding met mijn ex, maar ik weet niet meer precies wat we destijds hebben afgesproken.”

Ben: “In principe is de helft van het pensioen dat je opbouwde tijdens je huwelijk voor je ex. Tenzij je daar samen andere afspraken over maakt en die ook officieel vastlegt.”

Hessel: “Het staat me bij dat wij dat hebben gedaan. Zij werkt zelf ook, en had een eigen pensioen opgebouwd. Ik geloof dat we dat tegen elkaar hebben weggestreept. Anders had zij haar pensioen weer met míj moeten delen.”

Ben: “Ja, zo werkt dat inderdaad. Je kunt afspreken dat je een andere verdeling kiest of je pensioen niet verdeelt.”

 

Nieuwe partner

Maar dan, zegt Ben, is er nog het partnerpensioen. De uitkering voor je partner als jij overlijdt. “Na je scheiding blijft dat partnerpensioen gewoon staan voor je ex. Ook daarover kun je trouwens samen afspraken maken: je ex kan afzien van het partnerpensioen.”

Ben: “Wat ik hier in jouw dossier zie, is dat jullie hebben afgesproken dat jouw ex recht houdt op het partnerpensioen dat jij tot jullie scheiding hebt opgebouwd. Zij krijgt dus een uitkering van Pensioenfonds Vervoer als jij overlijdt.’

Hessel: “Klopt ja. Ik heb trouwens al jaren een nieuwe partner. Ons samenlevingscontract ligt hier ergens in een kast.”

Ben: “Dan is dit mijn raad: Maak een kopie van dat samenlevingscontract en stuur dat op naar Pensioenfonds Vervoer. Dan wordt ook je nieuwe partner bij ons geregistreerd.”

Hessel: “Dus als ik de pijp uitga, krijgen zowel mijn ex als mijn huidige partner allebei een deel van het partnerpensioen?”

Ben: “Klopt. En als de kinderen dan nog geen achttien jaar oud zijn, krijgen zij een wezenpensioen.”

Hessel: “Hahaha. Ik mag wel oppassen. Een van mijn zoons staat hier bij me. Zo dadelijk krijg ik nog een knuppel in m’n nek gelegd!”

 

Hele dag op je reet

Het wordt algauw weer serieus.

Hessel: “Ik heb nog één vraag. En die is best belangrijk.”

Ben: “Kom maar op.”

Hessel: “Nou, eigenlijk heb ik een heel zwaar beroep. Mensen die op kantoor zitten, onderschatten dat weleens. Die denken: als kraanmachinist zit je de hele dag op je reet. Maar dóe dat maar eens. Je moet altijd op je qui-vive zijn. Altijd. Je kunt niet verslappen, want zo’n kraan is dan gewoon een levensgevaarlijk wapen. En als je klaar bent met je werk, moet je met koude spieren met die stempels in de weer. Die wegen vijfendertig kilo per stuk. Wat ik dus eigenlijk wil weten: wat gebeurt er met mijn pensioen als ik arbeidsongeschikt zou raken?”

Ben: “Dat is een heel goede vraag. Terecht dat je daarover nadenkt. In grote lijnen zit het zo: Stel dat je na twee jaar in de ziektewet volledig wordt afgekeurd. Dan krijg je van UWV een uitkering. En dan zorgt het pensioenfonds voor verdere opbouw van je pensioen. Die opbouw is wel iets lager dan wanneer je niet arbeidsongeschikt bent.”

 

Niks te klagen

Nu is Hessel minder snel overtuigd: “Dat is hartstikke mooi”, zegt hij zuinigjes. “Maar als je twee jaar ziek was, dan heb je twee jaar lang een kaal salaris gebeurd, zonder je overuren. Welk salaris is dan bepalend? Dat van vóór je ziekte of tijdens je ziekte?”

Ben: “Het salaris vóór de eerste ziektedag. Dat is allemaal vastgelegd in je cao.”

Hessel: “En als je voor de helft bent afgekeurd?”

Ben: “Dan betaalt het fonds 30 procent van je opbouw. Voor het deel dat je nog werkt, bouw je gewoon zelf op.

En vergeet niet, voegt Ben toe, het fonds zorgt er niet alleen voor dat jij pensioen blijft opbouwen. Je krijgt ook nog een aanvulling op je WIA-uitkering.”

Ben: “Dat is in jouw geval een aanvulling van 5.000 euro per jaar, zo lang je arbeidsongeschikt bent.”

Hessel: “Huh? Dus dan heb ik eigenlijk niks te klagen?”

Ben: “Nee. Eigenlijk niet.”

Hessel: “Ik hoop natuurlijk gewoon te blijven werken tot mijn 65e of zo. Maar het is wel heel prettig om te weten dat dit afgezekerd is – dat er iets geregeld is voor áls je wat overkomt.”


Vragen? Lees op de pensioenpagina over je pensioen en arbeidsongeschiktheid

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.