Koffie, kameraadschap en kletsen over vroeger

pensionadocafé

Kom je op vrijdagmorgen bij Westgaag, dan zie je tientallen gepensioneerde vrachtwagenchauffeurs. In dit eetcafé in het Westlandse Maasdijk, pal aan de A20, komen oud-chauffeurs al jaren bij elkaar voor een bakkie koffie, een praatje en het ophalen van herinneringen. “We zijn een soort familie.”

Vrijdagochtend, iets na halftien. In eetcafé Westgaag schuiven de stoelen over de tegelvloer en de koppen koffie over tafel. Aan een lange tafel zijn zo’n tien grijze mannen druk met elkaar in gesprek. “Ik denk dat er zo nog wel meer komen”, zegt Herman Soonius, oprichter van het pensionadocafé. “De ene week zitten we hier met vijftig man. De andere keer zijn het er wat minder. Het wisselt.” De ene na de andere chauffeur druppelt binnen. De mannen groeten elkaar enthousiast met een klap op de schouder.

Het begin: vier man

Het pensionadocafé begon zo’n vijftien jaar geleden met vier man. Herman: “Van lieverlee kwamen er steeds meer bij. Het is hier altijd gezellig, we ouwehoeren wat en lachen met elkaar. De sfeer is gemoedelijk, in al die jaren heb ik hier nog geen enkele ruzie meegemaakt.” Inmiddels is het vrijdagochtendcafé een begrip onder chauffeurs in de regio.

Van werkboek tot boordcomputer

Aan tafel gaat het over van alles: de politiek, het weer en het chauffeursvak dat met de tijd veranderde. Waar vroeger met pen het werkboek op maandag al tot zaterdag werd ingevuld, houdt nu de boordcomputer alles bij. Kees Roodenburg (79), bezoeker van het pensionadocafé, weet er alles van. Hij rijdt sinds hij met pensioen is nog af en toe een ritje in het weekend. “Lekker, een beetje bijverdienen. Door alle regeltjes is het plezier er wel minder op geworden. In elke auto zit zo’n computer waarin je alles moet bijhouden: laden, lossen, pauzes. Daar heb ik niks mee. Ik schrijf alles nog op papier. Gewoon op de oude manier.” Om hem heen klinkt instemmend gemompel.

Langs de weg met -30 graden

Toch is het geen gemopper dat overheerst, maar trots. Trots op een prachtig vak. Voor hun pensioen reden de meeste oud-chauffeurs regelmatig naar Scandinavië en dat levert mooie verhalen op. “Ik heb weleens ergens midden in Noorwegen met pech langs de weg gestaan. Het was -30 graden”, vertelt Frans Pakvis (75), die elke vrijdag aanschuift in Westgaag. “Het was zwaar werk. En toch bleef het trekken. Ik kan moeilijk uitleggen waarom precies. Hier begrijpen ze dat.”

Niet achter de geraniums

Voor sommigen betekent de vrijdag meer dan alleen koffie. Rien van Dijk (75) verloor twee jaar geleden zijn vrouw. “Voor die tijd kwam ik hier ook al. Nu waardeer ik de gezelligheid nog meer. Hier zitten veel weduwnaars. Je zoekt elkaar toch eerder op. Ik ben nog druk zat: ik ga niet achter de geraniums zitten.” Voor Jan van de Form (86) is dat herkenbaar: “Vier jaar geleden overleed mijn vrouw. Zij deed altijd alles in huis. Ik moest dat nu zelf leren.” Ook Jan zit niet graag stil. “Ik zat vroeger bij de mariniers, daar heb ik mijn rijbewijs gehaald. Nu zit ik hier, vanavond ben ik bij een groep oud-mariniers, en morgen bij de veteranen.”

Lief en leed

De oud-chauffeurs delen lief en leed met elkaar, vertelt Herman Soonius. “Als één van ons in het ziekenhuis ligt, gaan we met de pet rond. Dan regelen we een bloemetje en een kaartje. Of we gaan met een groepje bij zo iemand langs. We zien elkaar zo vaak, we zijn een soort familie geworden.”

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *