Column: Held voor even
Column
Als ik aan helden denk, zie ik Superman. Strak pak, flitsende cape, kin en vuist omhoog, klaar om de wereld te redden. Het zou ook Spider-Man, Batman of Wonder Woman kunnen zijn. Andere outfit, zelfde cao.
Er zijn ook helden zónder superkrachten. Zij die zonder twijfelen een ander uit een brandende auto halen of een kind redden dat in het water is gevallen. Terwijl een ander zich eerst in een geel hesje worstelt, een helm pakt en een veiligheidsanalyse uitvoert, is die held al bejubeld en tot ereburger van de stad benoemd.
In beroepen zie ik ze ook. Een chirurg die urenlang opereert om iemands leven te redden of de brandweer die de kat niet uit de boom kijkt maar daadwerkelijk gaat halen. En wat te denken van degene die luistert, troost, moed inspreekt bij een medemens die het moeilijk heeft? Die voldoet in mijn ogen ook aan alle criteria van de heldenstatus.
Held is geen beschermde titel. Iedereen kan een ander tot held benoemen. Het is een jurysport die overduidelijk partijdig is. Bij kinderen is de titel vloeibaar. Toen onze zoon en dochter nog jong waren gaf die grote vrachtwagen mij de heldenstatus. Vijftien jaar later ben ik vooral een ‘boomer’. Wel een lieve, gelukkig. Mijn kinderen zijn tegenwoordig mijn helden. Op school, bij sport en zomaar, omdat ze er zijn.
Lange tijd tilde ik mijn dochtertje de trap op. Haar handjes om mijn nek, mijn armen om haar heen. Veiligheid voor alles. Tot ze besloot dat ze het zelf kon. Uiteraard was ik trots maar wel teleurgesteld dat ik met die stap ‘held af’ was. Een hele tijd later stonden we weer samen onderaan de trap. Ze keek me aan en vroeg of ik haar naar boven wilde dragen. En daar ging ik. Voor even weer haar held.
Coen van Extel
(mentor)chauffeur bij Sanders|Fritom




Plaats een Reactie
Meepraten?Draag gerust bij!