Helden: Friese rijders voor Oekraïne
helden
Geen woorden maar heldendaden
Een planner die snel in actie komt als een chauffeur hem belt met pijn op de borst. Twee chauffeurs die een automobilist helpen die onwel geworden is. En twee vrijwilligers die hulpgoederen rijden naar Oekraïne. Drie verhalen van helden die de wereld een stukje mooier maken.
Die eerste rit naar Oekraïne veranderde het leven van Teun van der Vaart en Otto van Balen voor altijd. De armoede, het oorlogsgeweld, maar vooral de ongelooflijke dankbaarheid van de Oekraïners raakte hen diep. Sindsdien zetten zij zich met hart en ziel in voor Stichting Friese Rijders voor Oekraïne. “Zolang het nodig is, blijven we rijden.”
In februari 2024 gaat Teun met een gehuurde vrachtwagen naar Oekraïne. “Het was de derde keer dat de Friese Rijders daar met een vrachtwagen naartoe reden. Daarvoor reden ze met busjes vol hulpgoederen naar het land en namen ze vluchtelingen mee terug.”
De armoede en de gevolgen van de oorlog die Teun ziet, maken diepe indruk. “Zo’n zeventig procent van de bevolking is straatarm. Dat zie je aan alles. En dan is er nog het oorlogsgeweld. Ik realiseerde me toen hoe ongelooflijk goed we het in Nederland hebben en hoe we over onbenullige dingen lopen te zeuren. Het liet me bij thuiskomst niet meer los.”
Overweldigend
Ook mede-vrijwilliger Otto wordt geraakt door wat hij in Oekraïne ziet. “Mijn eerste rit was vorig jaar mei. Net over de grens met Polen leek het alsof de tijd vijftig jaar had stilgestaan. Armoedige huisjes, slechte infrastructuur. Niet te vergelijken met Nederland. En de dankbaarheid van de Oekraïners wanneer je hulpgoederen afleverde, was overweldigend.”

Oorlog van dichtbij
Otto’s eerste rit heeft Odessa als bestemming. “Ik moest wel even slikken, want ik vertrok toch naar een oorlogsgebied. In Odessa hoorde ik midden in de nacht doffe dreunen. Ik deed de gordijnen open, maar zag dat er op straat geen paniek was. Daarna werd het doodstil, op het geblaf van honden na. Ik ben toen gewoon weer gaan slapen.”Teun herkent het. Tijdens zijn bezoeken aan Oekraïne hoort ook hij ’s nachts af en toe het oorlogsgeweld in de omgeving. “In de nacht vallen er bommen. Overdag gaat het gewone leven door. Er viel een keer een bom op driehonderd meter afstand van ons hotel. Wat gebombardeerd is, proberen ze binnen een paar maanden weer op te bouwen. Ze laten zich niet klein krijgen.”
Het roer om
Direct na zijn eerste rit besluit Teun, in overleg met zijn vrouw, zijn leven om te gooien. “Ik nam ontslag en pakte voor drie dagen per week mijn oude beroep als chauffeur weer op. De andere twee dagen ging ik vrijwillig aan de slag voor de Friese Rijders.”Ook Otto besluit na zijn eerste rit om zich te blijven inzetten voor Oekraïne. “Zes weken na mijn eerste rit, in juni, reed ik alweer naar het gebied. Inmiddels ben ik drie keer geweest. Mijn vrouw vindt het iedere keer spannend, maar ze steunt me volledig. Ik neem vrije dagen op om een week op pad te gaan voor de stichting. Als ze me nodig hebben, sta ik klaar.”
Bidden voor vertrek
De vrachtwagens van de Friese Rijders rijden niet naar het front. In Oekraïne zijn verschillende loslocaties waar de stichting humanitaire hulpgoederen aflevert. Vanuit die plekken worden de hulpgoederen verder verspreid. Wekelijks rijden er vrachtwagens vanuit Friesland naar Oekraïne. Voor elk vertrek wordt er gebeden voor een veilige reis. “Onze voorzitter Arnaud Dijkstra is daar altijd bij aanwezig. Het bidden is een vast ritueel. We vertrekken toch naar een land in oorlog”, vertelt Teun. “Pas als onze chauffeurs weer veilig in Polen zijn, zetten we berichten over de reis op sociale media.”
Het pakhuis
Trots laat Teun het pakhuis in Haulerwijk zien. Nederlandse en Oekraïense vrijwilligers sorteren de binnenkomende goederen en maken ze gereed voor transport. Er staan pallets met bananendozen vol houdbare producten, stapels schoolstoelen, bureaus, dekbedden, generatoren, kaarsen en medisch materiaal. Uit een busje van camping Stortemelk op Vlieland worden schone dekbedden uitgeladen.
Otto heeft ze gebracht. “Mijn vrouw werkt in een hotel op Vlieland”, legt hij uit. “Dankzij haar weet iedereen op het eiland dat ze in Oekraïne alles kunnen gebruiken.”Teun van der Vaart is blij met de goederen. “In Odessa is een centrum voor weduwen en wezen uit oorlogsgebieden. Daar hebben ze behoefte aan alles: van pannen en matrassen tot medische hulpmiddelen zoals rollators en rolstoelen.”
Elke maandag, woensdag en vrijdag is het pakhuis open en kunnen mensen spullen brengen. Teun: “Vannacht zijn er twee vrachtwagens vertrokken en dit weekend vertrekt er nog een wagen naar Oekraïne. In oktober ga ik zelf weer hulpgoederen brengen.” Voor Teun en Otto is één ding duidelijk: zolang de oorlog voortduurt en hulp nodig blijft, blijven zij rijden.

Teun van der Vaart
🛞 is 45 jaar
🛞 woont in Buitenpost
🛞 werkt drie dagen bij Boonstra Transport in Haulerwijk
🛞 is twee dagen fulltime vrijwilliger voor de Stichting Friese Rijders voor Oekraïne
🛞 is drie keer met de vrachtwagen in Oekraïne geweest
Otto van Balen
🛞 is 53 jaar
🛞 woont op Vlieland
🛞 is technische-dienstmedewerker bij camping Stortemelk op Vlieland
🛞 heeft een nulurencontract bij De Vlas Transport op Vlieland
🛞 is drie keer met de vrachtwagen in Oekraïne geweest
Stichting Friese Rijders biedt hulp aan Oekraïne. Sinds de start in februari 2022 werken vrijwilligers, partners en sponsoren samen aan het inzamelen, verwerken en vervoeren van hulpgoederen. De stichting heeft nu drie vrachtwagens en een pool van zo’n 170 chauffeurs. Meer chauffeurs, goederen en donaties zijn altijd welkom.
Lees ook:
Helden: Chauffeurs grijpen in bij bewusteloze bestuurder
Helden: Planner grijpt in als een chauffeur onwel wordt




Plaats een Reactie
Meepraten?Draag gerust bij!