Hoe is het met Koos, Gerlof en Rinus?

Koos, Gerlof en Rinus keken een paar jaar geleden alvast naar hun pensioen. Een blik in de toekomst, terwijl ze nog volop aan het werk waren. Hoe is het nu met ze? Zijn hun verwachtingen uitgekomen? Niet allemaal, zo blijkt als TON opnieuw op visite komt. 

Vrije tijd kost ook geld

In TON 55 (augustus 2014) spraken chauffeur Koos de Jager en zijn vrouw Marja over de toekomst. Met pensioen gaan, dat leek toen nog ver weg. En er waren ook twijfels, want Koos had geen hobby’s. Zou hij in het gevreesde ‘zwarte gat’ vallen? Terug naar Rilland, waar het gepensioneerde echtpaar – nu 70 en 67 jaar – inmiddels volop geniet. Toch klimt Koos nog regelmatig achter het stuur van een wagen…

“Ik ben tot mijn 66e en vier maanden blijven werken. In april 2017 stopte ik eindelijk, na ruim 44 jaar bij dezelfde baas. In ons beroep is afbouwen moeilijk. Je gaat op maandagmorgen weg en komt zaterdag weer thuis binnenlopen. Een dag minder werken was niet handig. Maar ik heb het tot mijn laatste rit naar mijn zin gehad. Het gevreesde zwarte gat is niet gekomen. Ik heb het sinds mijn pensioen drukker dan ooit.

Mijn oudste dochter ging verhuizen. Ik heb het hele huis behangen. Dan smeerde ik ’s ochtends vroeg mijn boterhammen en ging ik op pad. Onze schoonzoon heeft een autobedrijf. Ik deed wel eens een klusje voor hem, ergens wat onderdelen ophalen. En mijn schoonmoeder heeft zeven weken bij ons in huis gewoond, voordat ze naar een verzorgingstehuis ging. Bij een nicht van Marja hield ik wekelijks de grote tuin bij en ik deed ook nog vrijwilligerswerk. Ja, eigenlijk had ik wel hele dagen kunnen vullen met anderen helpen.

Inmiddels is Marja ook gestopt met werken en we vervelen ons geen moment! Als het goed weer is, fietsen we elke dag. Wat een vrijheid. Het is de mooiste tijd van ons leven. We zeggen altijd: zolang we maar gezond zijn. Afgelopen januari heb ik een licht herseninfarct gehad. Dat was wel even schrikken. Ineens stond mijn mond scheef en een paar uur later lag ik in het ziekenhuis. Maar ik mag niet klagen, ik ben het goed te boven gekomen.

Toch zijn er wel beperkingen. Ik merk dat ik niet meer alles kan doen wat ik voorheen deed. Ik moest dus een tandje terug, maar ondertussen kon ik het leven op de weg niet helemaal missen. Op vrijdag rijd ik daarom nog op de bestelauto met vis naar de kust van België. Zo blijf ik een beetje bij in het verkeer. Ik vind het hartstikke leuk. Ik bezoek de betere restaurants, maak een praatje met de chef en ben na de middag weer thuis. Dat geeft veel voldoening.

Met pensioen zijn bevalt heel goed. Toch raad ik iedereen aan: als je gezond mag blijven, werk door tot je laatste dag. Vrije tijd kost ook geld. Juist doordat ik ben blijven werken, hebben we het nu goed met ons pensioen.”

De plannen die ik maakte, zijn van de baan

Rinus van Malsen vertelde in TON 59 (april 2015) over zijn adviesgesprek met een pensioenconsulent. Wat hij graag wilde als het financieel mogelijk was? Morgen stoppen met werken. Inmiddels, zes jaar verder, is de nu 68-jarige Rinus twee jaar met pensioen. Nét toen hij van zijn vrije tijd ging genieten, werd hij ziek.

“Je hoort wel eens van mensen die hun hele leven hard hebben gewerkt en net nadat ze met pensioen zijn gegaan gebreken krijgen. Zo ging het ook bij mij. Op 1 november 2019 stopte ik. Toen heb ik met een collega ons huis van binnen en buiten geschilderd. Twee maanden later moest ik op tweejaarlijkse controle voor mijn darmen, want er zijn ooit poliepen verwijderd. Nu bleek het mis: ik had een zeldzaam soort darmkanker.

Begin maart 2020 werd ik geopereerd in het ziekenhuis in Uden. Een paar dagen later was daar de eerste corona-uitbraak. Ze hebben mij zo snel mogelijk opgelapt, zodat ik naar huis kon. Want in het ziekenhuis blijven was een risico. De operatie ging wel goed. Er werd 130 centimeter darm verwijderd en de zeldzame kankersoort in mijn dunne darm is nu weg. Verdere behandelingen of een stoma waren niet nodig, maar een gevolg is wel dat ik nu al anderhalf jaar last heb van chronische diarree-klachten. Daar krijg ik allerlei medicijnen voor en ik heb tig onderzoeken gehad.

Door de continue dreiging van diarree ben ik erg beperkt in mijn doen en laten. Als je droomt van je pensioen, maak je zoveel plannen. Die zijn van de baan. Maar bij mij is het glas altijd halfvol.

Ik heb nu wel tijd om hobby’s op te pakken die ik grotendeels thuis doe. Ik heb me aangesloten bij een sterrenwachtclub en een telescoop aangeschaft. Ook houd ik me bezig met stamboomonderzoek en doe ik kleine klusjes in huis.

Een oud-collega komt eens per week langs. Hij houdt me op de hoogte van het reilen en zeilen op het werk. Ik ben er niet meer geweest. In deze corona-tijd zijn mijn vrouw en ik heel voorzichtig, omdat we kwetsbaar zijn. Zij heeft COPD. Maar we blijven niet bij de pakken neerzitten en proberen er wat van te maken.

Tijdens de afscheidsreceptie op mijn werk kreeg ik een cartoon die ik koester. Daar staat mijn leven in vogelvlucht op, met al mijn bezigheden: mijn motor, mijn voormalige hobby als wijnmaker en mijn werk als chauffeur. Mijn vrouw en ik hebben ook een receptie gegeven voor collega’s, vrienden en familie in een plaatselijk café in Nieuwkuijk. Dat was zeer geslaagd en daar kunnen we mooi op terugkijken.

Het leven op de weg mis ik soms, bijvoorbeeld als ik langs de snelweg kom en die jongens voorbij zie gaan. Dan kriebelt het wel. Maar aan de andere kant is het ook zó heerlijk dat die wekker niet meer zo vroeg afloopt!”

 

Ik weet niet of ik toe ben aan eerder stoppen

In 2013 sprak TON met Gerlof Schurer over pensioen. Gerlofs lichaam begon hier en daar te protesteren tegen het zware werk. En zijn grote hobby, de motorfiets, lonkte. Inmiddels is Gerlof, 63 jaar, nog steeds aan het werk. Maar niet meer op de dieplader.

“Ik zit tegenwoordig op een vijfassige kiepauto. Nog steeds bij dezelfde firma, waar ik al sinds 1985 werk. Ze willen dat ik doorga tot mijn 67e, maar daar denk ik anders over. Mijn plan is om met 65 te stoppen. Daar wil ik wel eerst met een pensioenconsulent over praten. Ik ben benieuwd naar de mogelijkheden en het financiële plaatje. En soms denk ik ook: ben ik wel toe aan eerder stoppen? Ga ik het niet missen: iedere dag de weg op, het contact met de collega’s…

Toen ik op de dieplader zat, werkte ik heel vaak alleen. En ik ben er twee jaar tussenuit geweest om internationaal te rijden. Dan ben je écht helemaal alleen. Op een gegeven moment begon mijn lichaam te protesteren. Ik kreeg last van mijn knieën en enkels, doordat ik altijd liep te sjouwen met kettingen.

Sinds drie jaar rijd ik nu op de kiepauto, dat gaat veel beter. Ik wil eigenlijk vier dagen gaan werken en hoop de woensdag vrij te krijgen. Dan is je werkweek nooit langer dan twee dagen. Mijn vrouw – we zijn al 42 jaar samen – is buschauffeur. Zij is 58. Zij doet wisseldiensten en heeft zodoende soms ook een woensdag vrij.

Wat ik zou doen met die vrije dag? Mijn grote hobby is de motorfiets. Ik ben momenteel voor de derde keer een motor aan het opknappen. Op die vrije woensdag kan ik dan lekker sleutelen, maar ook in het huis bezig zijn of ergens naartoe.

Jarenlang ben ik alleen maar aan het werk geweest. Na mijn overstap naar de kiepwagen maak ik gemiddeld tien uur minder in de week. Dat begint aardig te wennen!

Vroeger moest ik aan het eind van de dag nog machines verzetten, was ik soms ook ’s avonds aan de gang. Nu rijd ik hoofdzakelijk in Noord-Holland en ben ik meestal om vijf uur thuis. Het werk is ook minder zwaar. Laden en lossen gebeurt allemaal automatisch, waardoor mijn enkels en knieën niet zo worden belast.

Binnen het bedrijf denken ze erg met je mee. Dat moet ook wel, als je wilt dat werknemers tientallen jaren voor je blijven rijden. Zeker in deze tijden , waarin er een tekort aan personeel is. Van collega’s die al met pensioen zijn, hoor ik dat ze het drukker hebben dan toen ze nog werkten. De vrije tijd invullen, lijkt me geen probleem.”

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.