Allebei blij

Zo moeder, zo dochter!

Zo vader, zo zoon. Dat is onder vrachtwagenchauffeurs heel gewoon. Veel jongens weten als ze nog klein zijn al zeker dat ze net als papa op zo’n grote wagen gaan rijden. Zo moeder, zo dochter zie je veel minder. Maar ze zijn er wel degelijk: meisjes die mama achterna gaan. Bijvoorbeeld: dochter Elke IJland en haar moeder Ursula Bekhuis. 

Over de keuze

Ursula: “Ik had nooit verwacht dat Elke zou gaan rijden. Ze koos voor een opleiding in toerisme, was al op haar zeventiende klaar. En toen vertelde ze dat ze nog de chauffeursopleiding ging doen. Dat vond ik hartstikke leuk, omdat ik zelf ook veel plezier heb in mijn werk. Ik wist wel bijna zeker dat ze het zou kunnen.”

Elke: “Tijdens die toerisme-opleiding kwam ik erachter dat het niks voor mij was. Ik wist eigenlijk niet wat ik wilde. Dat ik mijn moeder – en mijn vader – achterna zou gaan, had ik zelf ook niet verwacht. Vroeger ging ik wel met mijn vader mee. Hij had een eigen transportbedrijf en vaak mooie ritjes op Zuid-Frankrijk.”

Ursula: “Zélf wist ik ook niet wat ik wilde worden. Mijn vader reed op een veewagen en ik vond het leuk om mee te gaan. Maar dat was meer omdat we dan naar boerderijen gingen. Het kwam niet in me op dat ik ooit zelf op een vrachtwagen zou rijden. Ik koos voor een horecaopleiding en heb een jaar in de horeca gewerkt. Tot ik een relatie kreeg met een chauffeur, Elke’s vader. Ik ging vaak mee en kwam zo op het idee om zelf ook mijn rijbewijzen te halen.”

Elke: “Mijn vader heeft me gemotiveerd om de chauffeursopleiding te volgen. Mijn stage heb ik gelopen bij TGKoeriers. Een jaar lang pakketjes rondbrengen. Toen ik mijn rijbewijzen binnen had, kon ik bij Baks Logistiek beginnen. Ik rijd nu door Nederland, Duitsland, België en soms Denemarken en ben meestal de hele week van huis.”

 

Over de baan

Ursula: “Ik ben begonnen bij Bleckmann en heb ook nog een poosje bij Heisterkamp gereden. Toen kwamen de kinderen, drie achter elkaar, en kwam er van rijden een poosje niks meer. Na mijn scheiding in 2004 ben ik als flexwerker bij ForFarmers begonnen. Eerst als oproepkracht, maar toen de kinderen ouder werden steeds meer uren. En sinds vier jaar werk ik fulltime. De combinatie van rijden en ‘de boer opgaan’ vind ik hartstikke mooi.”

Elke: “Ik heb heel bewust voor tanktransport gekozen. Dat is beter dan sjouwen met pallets. Je hoeft geen lading vast te zetten. Het is geen zwaar werk. Soms een beetje slepen met slangen, maar bij sommige fabrieken sluiten ze die ook nog zelf aan.”

Over de wagen

Elke: “Ik heb mijn vaste wagen, een Volvo FM. Ik heb geen voorkeur. Het is gewoon fijn om een vaste auto te hebben. Mijn broer Jorn rijdt ook. Hij is erg van de accessoires. Hij heeft net een nieuwe Scania, met alles erop en eraan. We moeten thuis oppassen dat we het niet altijd over het werk hebben. Dat is niet leuk voor mijn jongste broer. Die heeft niks met transport.”

Ursula: “Ik heb geen vaste auto. Maar daar heb ik geen probleem mee. Ik hoef er niet in te slapen. Bij ForFarmers zit er verder geen poespas op de auto. Dat vindt Jorn maar niks. Ik kwam hem een keer tegen en dacht dat het wel leuk was om even mijn zwaailamp aan te doen. Nou, dat moest ik maar niet weer doen. Eén zwaailamp is gewoon niet stoer.” 

 

Over moeder-dochter

Elke: “Van mijn moeder heb ik niet echt adviezen gehad over het werk. Ik vraag er eigenlijk ook nooit naar. Ons werk is toch wel heel verschillend. En als ik onderweg ergens mee zit, kan ik beter een collega vragen.” 

Ursula: “Gelukkig ben ik geen overbezorgde moeder, nooit geweest ook. Daar heb ik nu wel profijt van. En Elke is ook niet bang aangelegd, dus ik heb er alle vertrouwen in dat het goed gaat.”

Elke: “Als ik moet overnachten, probeer ik altijd bij een klant achter een hek of bij een tankstation te staan. Het is best lastig een goede plek te vinden. Daar ben je eigenlijk de hele dag mee bezig: waar kan ik vanavond goed staan.”

Ursula: “Door de week houden we contact. We bellen of we appen. Meestal vraag ik wel waar ze is. Soms komen we elkaar tegen en dan ben ik toch wel supertrots.” 

Over plus- en minpunten

Elke: “Wat ik wel eens moeilijk vind, is dat je zo bekeken wordt als je een chauffeursrestaurant binnenkomt. Je bent vaak de enige vrouw. Ik eet dan ook niet vaak in een chauffeurscafé als ik alleen ben.”

Ursula: “Ja, dat herken ik wel van vroeger, toen ik bij Heisterkamp reed. Ik durfde nooit naar een chauffeurscafé, at liever een broodje in de cabine.”

Elke: “Maar verder is het alleen maar positief. Je krijgt zo vaak complimentjes en leuke reacties onderweg.” 

Ursula: “Ik heb soms wel het gevoel dat er extra op je gelet wordt als je aan het manoeuvreren bent. Dan is het genieten als het in één keer lukt … Maar verder kan ik niks negatiefs bedenken. Ik geniet van het rijden. Je bent lekker op jezelf, radio aan. En je komt op de mooiste plekjes.” 


Ursula Bekhuis – 51 jaar – woont in Ootmarsum – is vrachtwagenchauffeur bij ForFarmers in Delden – werkt fulltime – brengt kippenvoer naar boeren

Elke IJland – 23 jaar – woont in Ootmarsum – is vrachtwagenchauffeur bij Baks Logistiek in Borculo – werkt fulltime – vervoert met haar tankwagen levensmiddelen van fabriek naar fabriek

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *